Marraine's oorlog

Mijn grootmoeder van moeders kant, Pauline Bas, Marraine,heeft me een boekje met 'gezangen ten gebruike van het leger' en een album met postkaarten uit 1914-18 nagelaten.

De Verzameling van Zangen ten gebruike van het Leger (Uitgave toegestaan door het Ministerie van Oorlog, Gebroeders Schott Uitgevers, Brussel). Marraine raapte het boekje op gedurende de vlucht naar Holland in augustus 1914.

 

Het album bevat een aantal postkaarten van Bastien, Wagemans, Lynen en Thiriar. De bekendste is allicht Bastien. Hij was tijdens de oorlog één van de medewerkers van de Asiles des soldats invalides belges. Deze organisatie stelde zich tot doel geld bijeen te brengen voor het oprichten van tehuizen en kolonies van Belgische invalide soldaten. Andere medewerkende frontkunstenaars waren o.a. Henri Anspach, M. Wagemans, André Lynen, P. Paulus, M. Sterckmans en James Thiriar. Zij stelden hun tekeningen en schilderijen beschikbaar om gereproduceerd te worden; de opbrengsten hiervan waren bestemd voor het goede doel. (bron: http://www.wereldoorlog1418.nl).

Daarnaast zijn er ook postkaarten die verschillende episodes van de oorlog illustreren (o.m. de slag der zilveren helmen bij Haelen, de vernietiging van Leuven, enz.). Vaak wordt op de kaarten de nadruk gelegd op de Teutoonse barbaarsheid. In de vele verhalen die mijn grootmoeder ons vertelde, had ze het dikwijls over de gruweldaden van de 'Ulanen': op lansen gespietste babytjes, twee meisjes uit een naburig dorp die, opgesloten in het varkenskot, verschillende keren verkracht werden, enz. Als je er nu Wikipedia op naleest, was hun panische angst niet onterecht (zie verder). De geallieerde propaganda heeft dat ook aangegrepen om het 'brave little Belgium' nog meer in de verf te zetten: het arme, kleine België dat heldhaftig weerstand bood tegen de Germaanse barbaren.

"Duitse ruiterpatrouilles tijdens de Eerste Wereldoorlog werden door Belgische burgers steevast ulanen genoemd, hoewel het evengoed dragonders, huzaren of kurassiers konden zijn. De voor ulanen eertijds karakteristieke stalen lans was in het eerste decennium van de 20e eeuw bij alle cavalerie-onderdelen als wapen ingevoerd - vandaar de verwarring. Hun plotselinge verschijnen en verdwijnen, hun snelle optreden en hun geheimzinnige tactiek veroorzaakten veel angst.

De boeren verafschuwden de Duitse cavaleristen omdat ze zomaar door hun velden reden zonder gestraft te kunnen worden. Erger was dat de ruiters in de voorhoede voor de bevolking het eerste teken waren van de Duitse opmars en dus vaak van bruut geweld. Duitsers op wie geschoten werd koelden hun woede op de burgerbevolking met represaillemaatregelen. Inwoners van talloze gemeenten in België ondervonden dit onder andere in Wezet (Visé), Dinant (665 doden), Leuven en Aarschot (150 doden), alsook ook in kleinere gemeenten zoals Zemst. In deze gemeente doodden ulanen een tiental mannen, verkrachtten vrouwen en staken huizen in brand. Zemstse getuigen vertelden later dat vele ulanen op dat moment dronken waren. In totaal werden in de maanden augustus en september 1914 5500 Belgische burgers gedood en talloze kerken, officiële gebouwen en huizen in brand gestoken." (Bron: http://nl.wikipedia.org/wiki/Ulaan)

'Op 4 augustus 1914 viel Duitsland het neutrale België binnen. De Eerste Wereldoorlog was een feit geworden. In de maanden daarna werd Nederland overspoeld door vluchtelingen (volgens schattingen meer dan 1.000.000) die vanuit België de grens overtrokken om op Nederlandse bodem bescherming te zoeken tegen het Duitse oorlogsgeweld.' (bron: http://www.wereldoorlog1418.nl/vluchtelingen/index.htm)

Mijn grootmoeder vertelde dat ze gedurende de hele vlucht de Belgische soldatenstroom volgden richting Nederland. Daar gekomen waren er duizenden soldaten die klaar stonden om de grens met het toen neutrale Nederland over te steken. Bij kreten van 'De Dutsen komen! De Dutsen zijn da!' wierpen ze massaal geweren, ransels e.d. weg en vluchtten de grens over. Zo ook mijn grootmoeder met haar moeder, broer en oom. Een paar weken later zou die oom helemaal te voet het traject Nederlandse grens/Humbeek - heen en terug op één dag - doen om te zien wat er overbleef van de Oude Molen in Humbeek. Alles was vernield want het huis was gebruikt als uitkijkpost door de militairen. Toen ze later terug thuis kwamen vonden ze een volledig vernield huis. Gelukkig vonden ze de blikken doos terug met geld en juwelen die ze vlug, vlug in de grond hadden gestopt voor de vlucht. Het deksel was volledig ingedrukt omdat er talloze soldaten waren overgelopen maar de inhoud was intact.